| PARTNER IN PROFESSIONEEL TESTGEBRUIK |
OVERZICHT TESTINSTRUMENTARIUM |
|
MODULE ARBEID Deze analyse brengt iemands werkgerelateerde knelpunten in kaart. Vaak speelt er een 'mix' van factoren: klachten, problemen in de werksituatie zelf en persoonskenmerken. Het in een vroeg stadium onderkennen hoe deze 'mix' van factoren eruit ziet, verhoogt de doelmatigheid van de hulp, zeker als het gaat om activiteiten rond reïntegratie. Instrumenten op gebied van: • Vragenlijst Psychosociale Factoren Arbeid en Arbeidsverzuim* • Prestatiemotivatie & faalangst (PMF) • HRM-module Werkgerelateerde stress: • Vragenlijst PsychoSociale Arbeidsbelasting en Werkstress (VPSA) • de Job Stress Inventory (JSI) Copingstijlen (manier van omgaan met stress) van de werknemer: • Dutch Coping List (DCL) • Resilience and Coping Questionnaire (RCQ) • Conflict Handling Strategies Questionnaire (CHSQ) en de Vragenlijst Conflictstijlen • Vragenlijst Conflictstijlen (management)* • Vragenlijst cognitieve copingstrategieën en emotieregulatie* Werkbeleving: • Vragenlijst Werkbeleving (VWB) VWB geeft inzicht in de mate van burnout en engagement van de werknemer. Vragenlijst Psychosociale Factoren Arbeid en Arbeidsverzuim Screeningsinstrument bij arbeidsverzuim en werkgerelateerde problematiek. De Vragenlijst PFA beoogt niet om stoornissen te meten, maar juist factoren die samenhangen met mechanismen die bijdragen aan het aanhouden van de klachten en arbeidsverzuim (cut off scores: licht verhoogd risico - verhoogd risico - klinisch risico), los van het type klacht. De vragenlijst meet de belangrijkste psychosociale factoren die een potentiële bijdrage leveren aan het instandhouden van klachten en een risico vormen voor langdurig arbeidsverzuim. Bij mensen die kortdurend verzuimen, ongeacht de aard van de klacht, zou de vragenlijst ingezet kunnen worden bij de screening van psychosociale risicofactoren op langdurig verzuim, anders geformuleerd: waar zitten de knelpunten bij deze persoon? Bij personen die langer verzuimen kan de vragenlijst gebruikt worden als hulpmiddel bij de reïntegratiebegeleiding. Prognostische factoren - Component 1 Spanning (emotional distress, piekeren, slaapklachten, herstelbehoefte) - Component 2 Subjectieve beleving klachten (interferentie klachten en werk, cognities, fear-avoidance beliefs) - Component 3 Onvrede met werk (arbeidsontevredenheid, geen regelmogelijkheden, geen sociale steun collega's, geen sociale steun leidinggevende, hoge werkdruk - Component 4 Persoonlijkheid (Onzekerheid, Perfectionisme) - Component 5 Belastende privé-omstandigheden Voor een verdiepende fase van de ‘diagnose’, afhankelijk van de scores van de Vragenlijst Psychosociale Factoren, kan van het gehele testinstrumentarium gebruik gemaakt worden. De module Human Resource Management richt zich op personeelsmanagers en HRM-professsionals bij arbeids- en uitzendbureau's, werving en selectiebureau’s en loopbaanadviesbureau's. Deze testen kunnen toegepast worden wanneer er beslissingen genomen moeten worden over personen, mede op grond van een beoordeling van persoonlijkheidskenmerken (o.a. evaluatie, selectie, loopbaanbegeleiding en reïntegratie). Vragenlijst cognitieve copingstrategieën en emotieregulatie De vragenlijst kan gebruikt worden met het doel uitspraken te doen over de mate waarin iemand in het gebruik van specifieke cognitieve copingstrategieën afwijkt. Op deze wijze kan worden vastgesteld in welke mate iemand adaptieve en niet-adaptieve cognitieve copingstrategieën gebruikt bij het omgaan met negatieve of stressvollegebeurtenissen. Deze informatie kan van belang zijn bij het bepalen van doel en inhoud van het hulpverleningscontact; bijv. het afleren van niet-adaptieve cognitieve copingstrategieën en het aanleren van adaptieve strategieën. |
|